Bruidswarenhuis
Veel bruidsparen wonen in de ene gemeente en willen trouwen in de andere. Dat kan gewoon: je bent niet verplicht om te trouwen waar je ingeschreven staat. Maar het maakt de gemeente wel het enige onderdeel in dit dossier met een wettelijke kant, en dat is precies waar het misgaat als je het behandelt als een simpele locatiekeuze.
De gemeente waar je woont is degene waar je in de meeste gevallen de aangifte van je voorgenomen huwelijk doet, ook als de bruiloft zelf ergens anders is. De gemeente waar je trouwt is degene die de plek, de trouwambtenaar en de zaal levert, en die zijn eigen termijnen, tarieven en voorwaarden heeft. Woon je in Utrecht en trouw je in Haarlem, dan heb je dus met twee gemeentelijke procedures te maken die niets van elkaar weten. De ene stuurt je een bevestiging van de aangifte, de andere stuurt je een bevestiging van de reservering, en die twee data hoeven niet op elkaar aan te sluiten.
In het systeem is dat de reden om niet één blok gemeente op de homepagina te laten staan, maar er zelf een tweede naast te zetten. Het eerste blok is dan de woongemeente, met de aangifte en de eventuele naamgebruikformulieren erin. Het tweede blok is de trouwgemeente, met de locatie, de tijd en de trouwambtenaar erin. Je zet ze naast elkaar neer met de knop Blok toevoegen, en je geeft ze zelf een naam die voor jullie duidelijk is, bijvoorbeeld gemeente aangifte en gemeente trouwdag. Het systeem dwingt die splitsing niet af; het staat je toe, en bij twee gemeenten is dat precies wat nodig is om ze niet door elkaar te laten lopen.
De termijn waarbinnen je aangifte moet doen, ligt meestal tussen de veertien dagen en de veertien maanden voor de trouwdatum, maar de exacte grens en de manier van aanmelden verschillen per gemeente. De ene gemeente wil dat digitaal, de andere wil een afspraak op het stadhuis. Het aantal getuigen dat verplicht is, ligt in Nederland tussen de twee en de vier, en ook daar kan een gemeente eigen voorwaarden aan de identiteit of leeftijd van getuigen stellen. De leges voor de aangifte en voor het voltrekken van het huwelijk verschillen eveneens per gemeente, en dat zijn twee aparte bedragen die niet automatisch gelijk zijn, ook niet als de gemeente van aangifte en de gemeente van de bruiloft dezelfde is.
Als je dit in één blok zou proppen, verdwijnt dat onderscheid. Je ziet dan één bedrag en één datum, en je weet niet meer of dat de aangifteleges is met de aangiftetermijn, of de trouwleges met de datum van de ceremonie. Met twee blokken wordt dat vanzelf twee aparte posten in het budget, elk met hun eigen leverancier, in dit geval de gemeente in kwestie, hun eigen categorie en hun eigen bedrag. Je vult per post in wat er staat, wanneer het betaald moet zijn, en wat daarvan de aanbetaling is en wat de restbetaling. Bij een gemeente is dat vaak geen aanbetaling in de klassieke zin, maar een legesbedrag dat je bij de aangifte al voldoet en een tweede bedrag dat pas rond de trouwdag verschuldigd is; die twee zet je dus ook als aanbetaling en restbetaling in het systeem, zodat je in één blik ziet wat er nog open staat bij welke gemeente.
Een voorbeeld uit de praktijk: een stel woont in Almere en trouwt in Amsterdam. De aangifte in Almere kost een vast bedrag en moet ruim voor de bruiloft geregeld zijn, soms al binnen enkele weken na de eerste afspraak. De trouwleges in Amsterdam zijn een ander bedrag en worden pas verschuldigd rond de definitieve boeking van de locatie en de ambtenaar, die soms maanden later valt. Staan die twee bedragen in één post, dan lijkt het alsof er één keer betaald moet worden op één moment. Staan ze in twee blokken met elk hun eigen datum, dan ziet het stel op tijd dat de aangifte in Almere eerder moet dan de betaling in Amsterdam, en dat de een niet wacht op de ander.
Omdat elk blok een eigen post wordt, komt ook elke gemeente terug op de dag zelf, voor zover die dag daar iets van merkt. De trouwgemeente staat met tijd en locatie in het draaiboek van uur tot uur, naast de andere onderdelen van die dag. De woongemeente komt daar meestal niet in voor, want de aangifte is allang gedaan voordat de dag zelf begint. Dat onderscheid is precies waarom het zin heeft om vooraf twee blokken te maken in plaats van later te moeten uitzoeken welk deel van de gemeente nu eigenlijk bij de ceremonie hoort en welk deel bij de administratie daarvoor.
Dit is niet voor iedereen nodig. Trouw je in de gemeente waar je ook woont, dan is één blok voldoende, en de aangifte en de ceremonie vallen dan vaak samen in dezelfde afspraak of dezelfde reeks contacten met dezelfde balie. Ga je voor de wet trouwen in je eigen gemeente en vier je het feest ergens anders, dan is dat feest geen gemeentelijke aangelegenheid en hoort het niet bij dit blok, maar bij de blokken voor locatie en catering. De vraag is dus niet of je twee locaties hebt, maar of je met twee verschillende gemeentelijke instanties te maken hebt die allebei iets van jullie huwelijk regelen. Is dat niet zo, dan hoef je niets toe te voegen en blijft het bij het ene blok dat er al staat.
Wie dit in het systeem zet, hoeft het onderscheid dus maar één keer te maken: bij het aanmaken van het tweede blok, met een naam die aangeeft welke gemeente waarvoor is. Daarna loopt de rest vanzelf: elk blok zijn eigen post in het budget, met eigen bedrag, eigen aanbetaling en restbetaling, en alleen de trouwgemeente die terugkomt op de dag zelf in het draaiboek.